Een dorp dat in maart ontwaakt
Stavelot is een dorp van 7.000 inwoners aan de Amblève, in de zuidelijke Hoge Ardennen. De rest van het jaar is het een rustige plaats waar je in een uur de oude binnenstad rondloopt. Maar drie weken voor Pasen — op de zondag Laetare — verandert het hele dorp in een feestelijk schouwspel waar duizenden bezoekers op afkomen. Het Laetare-carnaval van Stavelot is een van de unieke carnavalstradities van Europa, en is door UNESCO erkend als immaterieel werelderfgoed.
Wie buiten het carnavalsweekend komt, vindt nog steeds genoeg redenen voor een bezoek: de Abdij met haar drie musea, de heuvelachtige omgeving die zich leent voor wandelingen, en het feit dat Stavelot het centrum is van een interessant fietsgebied — Spa-Francorchamps ligt om de hoek.
De Blancs Moussis
Het Laetare-carnaval draait rond de Blancs Moussis: meer dan tweehonderd lokale mannen die in een wit gewaad met een grote rode neus en een lange witte capuchon door de straten dansen. De oorsprong gaat terug tot de zeventiende eeuw, toen de monniken van de Stavelot-abdij verboden werd om aan het carnaval deel te nemen. De inwoners verkleedden zich daarop ironisch genoeg in 'witte monniken' (Blancs Moussis betekent letterlijk 'witte gemommde mannen').
Vandaag zijn de Blancs Moussis een gesloten broederschap; je kunt er niet gewoon bij. Ze dragen lange varkensblazen aan een stok waarmee ze toeschouwers op het hoofd kloppen — een rituele klap die geluk brengt voor het komende jaar. Verwacht confetti, dansende stoeten met fanfare-muziek, een rondgang langs een geschiedenistableau en feestjes die tot middernacht doorgaan.
De Laetare valt in 2026 op zondag 15 maart. Bestel hotelovernachtingen in Stavelot of Malmedy minstens een halfjaar van tevoren — de capaciteit is beperkt en de stad zit vol.
De abdij en haar drie musea
De abdij van Stavelot werd gesticht in 651 door Sint-Remaclus en groeide uit tot een van de machtigste vorstendommen van het Heilige Roomse Rijk. Onder de regel van de Prinsbisschoppen van Stavelot-Malmedy bestond Stavelot eeuwenlang als een kleine zelfstandige enclave tussen het Bisdom Luik en het Hertogdom Limburg. Pas in 1795 maakte de Franse Revolutie aan deze status een einde.
De abdij is grotendeels in de achttiende eeuw herbouwd na een brand. Vandaag herbergt het complex drie musea op één entree: het abdij-museum (geschiedenis van de abdij), het Circuit de Spa-Francorchamps Museum (de geschiedenis van het beroemde racecircuit, dat sinds 1925 op enkele kilometers afstand ligt) en het Guillaume Apollinaire Museum, dat documenten van de Franse dichter bewaart die hier in 1899 enkele maanden verbleef.
Reken anderhalf tot twee uur. Entree in 2026: 12 euro voor de drie musea samen, 7 euro voor kinderen 6-18. Op zondag is het toegangsbedrag verlaagd.
Spa-Francorchamps
Op tien minuten met de auto vanaf Stavelot ligt het Circuit de Spa-Francorchamps. Dit racecircuit, geopend in 1925, geldt onder coureurs als een van de mooiste ter wereld — de combinatie van snelle bochten zoals Eau Rouge en Raidillon met onverwachte heuvelpassages maakt het uniek. Hier wordt elk jaar de Belgische Formule 1-GP gereden (in 2026 op het laatste augustusweekend).
Wie geen kaartje voor de F1 heeft, kan tijdens andere weekenden — Spa 6 Hours, Spa 24 Hours, Lamborghini Super Trofeo — voor lagere prijzen het circuit beleven. Bovendien zijn er publieke tribuneverkopen voor track days en geïntegreerde rondleidingen door het circuitcomplex (15 euro per persoon).
Voor wie van auto's en racegeschiedenis houdt, is dit alleen al reden genoeg voor een verblijf in de regio.
Eten, slapen, wandelen
Voor lunch of diner in Stavelot: Le Vieux Stavelot (Frans-klassiek, in een gerestaureerd ambachtshuis) of Au Comte de Logne aan de Place du Vinâve voor een betaalbare bistro-keuken. Voor iets eigentijdsers: Le Saint-Remacle, met een lunchformule rond 28 euro.
Hotels: Hotel d'Orange (drie sterren, in het centrum) of Auberge Saint-Remacle voor een persoonlijker verblijf. Reken op 110 tot 160 euro per nacht. In Coo, op 5 km, zijn vakantiehuisjes en het waterval-attractiepark Plopsa Coo (geen Plopsaland, maar een kleinere versie met waterval-attracties).
Wandelen: vanaf het centrum loopt een mooie route langs de Amblève (5 km, vlak) en een uitdagender lus tot 14 km in de bossen rond Trois-Ponts. Kaartmateriaal aan de toeristische dienst tegenover de abdij.